Kijk ook eens bij de
vragen en reacties
of heeft u zelf een tip?

150 jaar margarine…en boter


Na bijna 150 jaar productie laat Unilever de margarine los. Aan de wieg van de ‘kunstboter’ stond echte boter. En tot op heden bleef margarine zich spiegelen aan het originele natuurproduct. Een vette geschiedenis…. 
 
De geschiedenis van de Nederlandse margarine begon bij handelaren in boter uit Oss, de families Jurgens en Van den Bergh. Zij kochten boter van boeren uit Brabant en Duitsland en verkochten die vooral in Engeland. In 1871 begon de familie Jurgens, snel gevolgd door Van den Bergh, met de fabricage van margarine die ze ’kunstboter’ noemden. Het was goedkoop vet waaraan echte boter werd toegevoegd.
 
Zoo fijn als Boter
In later jaren werd de samenstelling van margarine verbeterd zodat het toevoegen van boter overbodig was. Maar de margarinefabrikanten bleven de vergelijking met boter maken. Het merk Zeeuws Meisje van Jurgens werd aangeprezen met de kreet: Zoo fijn als Boter doch niet zo duur. In Duitsland verkocht Jurgens margarine onder het merk Rahma, een verwijzing naar Rahm, het Duitse woord voor room. Na een verbod van de Duitse overheid werd de naam gewijzigd in Rama; dat merk bestaat nog steeds in Duitsland.
Van den Bergh introduceerde in 1923 z’n Engelse margarinemerk Blue Band op de Nederlandse markt met de slogan: Koopt heden Blue Band, Versch gekarnd. Dat gebeurde met advertenties, affiches, brochures en in 1924 met een poststempel. Dat laatste veroorzaakte veel ophef. De organisatie van de coöperatieve zuivelindustrie protesteerde bij de minister die over de posterijen ging en spande een rechtszaak aan. Van den Bergh stopte vóór die tijd met het stempel.
Deze zaak was voor de zuivelindustrie aanleiding om een campagne te beginnen met de leus: Natuurboter is niet te vervangen.
 
Unilever
In 1891 verplaatste Van den Bergh de margarinefabriek naar Rotterdam vanwege de betere (scheepvaart)verbindingen. Jurgens bleef nog tot 1929 in Oss produceren. Twee jaar eerder was er een fusie tussen de voormalige concurrenten tot stand gekomen: de Margarine-Unie. Deze ging in 1929 samen met het Engelse bedrijf Lever Brothers. Zo ontstond Unilever.
Margarine had inmiddels de markt voor smeerbare vetten veroverd. Het product was veel goedkoper dan boter en de fabrikanten investeerden veel geld in merkreclame. De terugslag kwam vanaf de jaren 1960 toen hart- en vaatziekten een probleem werden. In 1973 adviseerde de Voedingsraad daarom minder verzadigd vet te gebruiken. De margarine-industrie speelde op dit advies in met dieetmargarine en halvarine.
 
Angst voor vet
Maar de angst voor vet bleek toch invloed te hebben op het margarine-verbruik. In 1980 consumeerden Nederlanders nog 15 kilo margarine en halvarine. Twintig jaar later was dat ruim een derde minder: 9,5 kilo. En die daling zet nog steeds door. Unilever probeerde in 1982 het tij te keren met een product dat de smaak van boter zou benaderen. Dat was Morgen. De consument dacht er anders over en twee jaar later verdween het van de markt. In 2015 werd opnieuw de botersmaak ingezet. De margarineconsument kreeg nu een kuipje Blue Band voorgezet waar roomboter aan was toegevoegd voor “de lekkere smaak’’. Zo zijn we weer terug in 1871 toen hetzelfde gebeurde.
 
Boter handhaaft zich
En hoe zit het nu met de boterconsumptie? In tegenstelling tot de margarine wist boter zich goed te handhaven. In 1980 bedroeg het jaarlijks verbruik 3,6 kilo. In 2010 was het verbruik nagenoeg op hetzelfde niveau: 3,4 kilo per hoofd.